Nederland moet in 2030 minimaal 49 % minder CO2 uitstoten dan in 1990. Dit is het belangrijkste doel van het Klimaatakkoord dat 28 juni is gepresenteerd. Dit betekent dat over iets meer dan tien jaar 1,5 miljoen woningen van het aardgas af moeten zijn en dat in de komende jaren zoveel mogelijk woningen beter moeten worden geïsoleerd. In 2050 mag vrijwel geen enkele woning nog met aardgas worden verwarmd.

De belangrijkste afspraken over het verduurzamen van woningen:

1,5 miljoen woningen aardgasloos
Uiterlijk in 2030 moeten 1,5 miljoen bestaande woningen van het aardgas af zijn. Alternatieven zijn onder meer warmtepompen en warmtenetten. Ook moeten huiseigenaren worden verleid hun woning te isoleren.

Aardgasvrij per woonwijk
Gemeentes moeten uiterlijk eind 2021 bekend maken wanneer welke woonwijken aardgasvrij worden gemaakt en hoe. Uiterlijk acht jaar voor de levering van aardgas stopt, krijgen bewoners te horen wat het alternatief voor aardgas wordt en wat dit voor hun situatie betekent. Voor wijken die voor 2030 aan de beurt zijn, moet in 2021 duidelijk zijn wat in de plaats van aardgas komt. Huiseigenaren moeten vroegtijdig en serieus worden betrokken bij de planvorming. De komende jaren worden als proef tientallen woonwijken aardgasvrij gemaakt.

Kosten gelijk aan besparing
De kosten van de verduurzamingsmaatregelen mogen in principe niet hoger zijn dan de besparing op de energierekening. Als dat niet lukt, zal de Rijksoverheid met extra (financiële) ondersteuning komen.

Standaard voor isoleren
Voor verschillende woningtypes wordt een isolatiestandaard geïntroduceerd. De standaard geeft aan tot welk niveau het huis moet worden geïsoleerd om klaar te zijn voor het alternatief van aardgas. De standaard moet zijn gebaseerd op de bouwkundige mogelijkheden van een woning.  De kosten moeten in verhouding tot de baten staan. De standaard is niet verplicht en zal waarschijnlijk worden gebruikt als voorwaarde voor subsidiëring en financiering van duurzaamheidsmaatregelen. Voor losse verbouwingen (zoals die van het dak, de gevel of vloer) komen streefwaardes voor isolatie. Verder moeten huiseigenaren een aantrekkelijk isolatieaanbod krijgen. De hoogte van de standaard en de streefwaarden moeten nog worden uitgewerkt.

Aardgas duurder, belasting op elektriciteit omlaag
Aardgas wordt de komende jaren duurder – vanaf 2020 stijgt de belasting erop. Het hogere gastarief moet huishoudens stimuleren minder gas te verbruiken en duurzame maatregelen te nemen. Vanaf 2021 daalt de belasting op elektriciteit. Ook krijgen consumenten meer belastingkorting op de totale energierekening.

Financieringsmogelijkheden
Er worden nieuwe financieringsmogelijkheden geïntroduceerd. Zo is een overdraagbare lening voor verduurzaming aangekondigd. Huiseigenaren die een lening voor energiebesparende maatregelen afsluiten, moeten die bij een verhuizing kunnen overdragen aan de nieuwe bewoners. Deze gebouwgebonden financiering moet uiterlijk in 2022 mogelijk zijn. Ook is een warmtefonds voor huiseigenaren en Verenigingen van Eigenaars aangekondigd. Wie door de huidige leennormen moeilijk of geen financiering kan krijgen, kan hier terecht. Een huiseigenaar mag maximaal 25.000 lenen en de lening loopt maximaal 20 jaar. Het fonds is bedoeld voor het verduurzamen van de woning.

VvE verduurzamen
De financieringsmogelijkheden voor Verenigingen van Eigenaars (VvE’s) die willen verduurzamen, worden verbeterd. Financiële partijen (o.a. banken) onderzoeken hoe ze VvE’s kunnen stimuleren energiebesparende maatregelen te nemen. Ook voor VvE’s die uit minder dan zes appartementen bestaan, wordt een passende financieringsvorm gezocht.

Onafhankelijke informatie
Om huiseigenaren optimaal te informeren en te ontzorgen bij het energiezuinig maken van hun huis, staat vanaf januari 2020 op energiebesparendoejenu.nl gevalideerde informatie over verduurzamingsmaatregelen en de bijbehorende indicatieve energiebesparing. Dit wordt gekoppeld aan financierings- en subsidiemogelijkheden. Verder komt er een onafhankelijk (regionaal) energieloket, onder verantwoordelijkheid van de gemeente, om de partijen die betrokken zijn bij de wijkgerichte aanpak (dus ook bewoners) te ondersteunen.

Bron: Rijksoverheid, Vereniging Eigen Huis